Ter herinnering
Vanaf 01/04/2026 werd een nieuwe regeling van “vrijwillige overuren” geïntroduceerd. Het gaat over een potje van 360 uren op jaarbasis waarvan 240 uren (zonder overloon) fiscaal vrijgesteld zijn.
De vrijwillige overuren worden voortaan voorbehouden voor voltijdse werknemers en voor deeltijdse werknemers die al minstens drie jaar deeltijds werken en op voorwaarde dat er een tijdelijke toename van werk is.
Het vereiste voorafgaand akkoord met de werknemer wordt, behoudens opzegging, telkens stilzwijgendverlengd voor telkens een bijkomende periode van één jaar.
Fiscale vrijstelling
Op fiscaal vlak worden vrijgesteld van inkomstenbelastingen, de bezoldigingen met betrekking tot 240 vrijwillige overuren die worden gepresteerd overeenkomstig art. 25bis van de arbeidswet.
De vrijstelling is echter slechts van toepassing op voorwaarde dat de bezoldigingen voor de betrokken uren niet meer bedragen dan de bezoldigingen die overeenkomstig de arbeidsovereenkomst, het arbeidsreglement of een collectieve arbeidsovereenkomst verschuldigd zijn voor die uren wanneer ze niet als overuur zouden kwalificeren.
De vrijstelling is dus niet van toepassing wanneer er voor het vrijwillig overuur toch extra bezoldigingen (conventioneel overloon) wordt betaald. Eventuele toeslagen voor zondagwerk, avondwerk,… die zijn vastgelegd in een arbeidsovereenkomst, arbeidsreglement of collectieve arbeidsovereenkomst en die ook verschuldigd zijn wanneer er geen overwerk wordt gepresteerd, worden niet als extra bezoldigingen beschouwd.
Voorbeeld: Een belastingplichtige presteert in het derde en vierde kwartaal van 2026 120 vrijwillige overuren bij zijn enige werkgever. De bezoldigingen voor die vrijwillige overuren worden in 2026 betaald. Zijn werkgever betaalt voor 40 vrijwillige overuren een conventionele toeslag die niet verschuldigd zou zijn wanneer die uren niet als overuren zouden kwalificeren (totale bezoldiging voor die 40 vrijwillige overuren: 800 euro). Voor de overige 80 vrijwillige overuren betaalt zijn werkgever geen conventionele toeslag, zodat de bezoldiging niet meer bedraagt dan de bezoldiging die zou verschuldigd zijn wanneer het niet om overuren zou gaan (totale bezoldiging voor die 80 vrijwillige overuren: 1.200 euro). Er worden in 2026 bezoldigingen betaald voor 120 vrijwillige overuren. Enkel de bezoldigingen voor 80 vrijwillige overuren kunnen worden vrijgesteld (de vrijwillige overuren waarvoor geen extra bezoldiging wordt betaald). Vrijstelling voor inkomstenjaar 2026 = 1.200 euro.
De vrijstelling kan zowel van toepassing zijn op de bezoldigingen van werknemers als op de bezoldigingen van bedrijfsleiders (niet zelfstandige bedrijfsleiders).
Overschrijding van het aantal vrijstelbare vrijwillige overuren tijdens het belastbare tijdperk
Wanneer in een belastbaar tijdperk bezoldigingen worden betaald of toegekend voor meer dan het aantal voor dat belastbare tijdperk vrijstelbare vrijwillige overuren, wordt de vrijstelling verhoudingsgewijs aangerekend op de bezoldigingen voor die vrijstelbare vrijwillige overuren.
Het betreft hier de situatie waarin de belastingplichtige vrijwillige overuren presteert bij meerdere werkgevers.
Voorbeeld: Een belastingplichtige presteert in het tweede en derde kwartaal van 2026 180 vrijwillige overuren bij zijn werkgever A (bezoldiging: 2.700 euro, betaald in 2026). In het vierde kwartaal van 2026 presteert hij 70 vrijwillige overuren bij zijn nieuwe werkgever B (bezoldiging: 1.050 euro, betaald in 2026). Er worden in 2026 bezoldigingen betaald voor 250 vrijwillige overuren. De bezoldigingen bedragen niet meer dan de bezoldigingen die voor deze uren zou verschuldigd zijn wanneer zij niet als overuur zouden kwalificeren. Enkel de bezoldigingen voor 240 vrijwillige overuren kunnen worden vrijgesteld. Vrijstelling voor inkomstenjaar 2026: 3.750 x 240/250 = 3.600 euro (de berekening hiervan gebeurt geautomatiseerd).
Combinatie met relance-overuren?
De vrijstelling van de bezoldigingen van de relance-overuren (max. 120 in de periode 01/01/2026 – 31/03/2026) en van de bezoldigingen van de 240 vrijwillige overuren gepresteerd vanaf 01/04/2026 kunnen samen genomen, slechts voor max. 240 vrijwillige overuren worden verleend.
Voor het quotum aan “netto vrijwillige overuren” voor 2026 moet bijgevolg ook rekening gehouden worden met de “relance overuren” die in het eerste kwartaal van 2026 reeds toegepast werden. Er is bijgevolg geen sprake van een dubbelop systeem!
Voorbeeld: Een belastingplichtige presteerde in het eerste kwartaal van 2026 50 relance-uren bij zijn werkgever A (bezoldiging 750 euro, betaald in 2026). In het tweede, derde en vierde kwartaal van 2026 presteert hij 200 vrijwillige overuren bij zijn nieuwe werkgever B (bezoldiging 3.000 euro, betaald in 2026). Er worden in 2026 bezoldigingen betaald voor 250 overuren (relance-uren gepresteerd van 01.01.2026 t.e.m. 31.03.2026 en vrijwillige overuren gepresteerd vanaf 01.04.2026 samen genomen). De bezoldigingen bedragen niet meer dan de bezoldigingen die voor deze uren zouden verschuldigd zijn wanneer zij niet als overuur zouden kwalificeren. De vrijstelling kan slechts worden verleend voor 240 overuren. Vrijstelling voor inkomstenjaar 2026: 3.750 euro x 240/250 = 3.600 euro (de berekening hiervan gebeurt geautomatiseerd). 12. De vrijstelling van bezoldigingen met betrekking tot relance-uren gepresteerd vóór 01.01.2026, kan worden verleend bovenop de vrijstelling met betrekking tot 240 vrijwillige overuren (relance-uren gepresteerd van 01.01.2026 t.e.m. 31.03.2026 en vrijwillige overuren gepresteerd vanaf 01.04.2026 samen genomen).
Voorbeeld: Een belastingplichtige presteerde in 2025 120 relance-uren. De bezoldigingen m.b.t. 100 relance-uren werden in 2025 betaald en vrijgesteld. De bezoldigingen m.b.t. de overige 20 relance-uren (300 euro) werden in 2026 betaald. In het eerste kwartaal van 2026 presteert hij 40 relance-uren (bezoldiging 600 euro, betaald in 2026). In het tweede, derde en vierde kwartaal van 2026 presteert hij 200 vrijwillige overuren (bezoldiging 3.000 euro, betaald in 2026). De betaalde bezoldigingen bedragen niet meer dan de bezoldigingen die voor deze uren zouden verschuldigd zijn wanneer zij niet als overuur zouden kwalificeren. Vrijstelling voor inkomstenjaar 2026:
- voor 20 relance-uren gepresteerd in 2025 en betaald in 2026: 300 euro
- voor 40 relance-uren gepresteerd van 01.01.2026 t.e.m. 31.03.2026 en betaald in 2026 en voor 200 vrijwillige overuren gepresteerd vanaf 01.04.2026 en betaald in 2026 samen genomen: 3.600 euro (3.000 + 600).
Combinatie met vrijgestelde overuren horeca
Het aantal vrijwillige overuren waarvoor een vrijstelling wordt verleend, wordt in mindering gebracht van het aantal overuren in de horeca waarvoor een vrijstelling kan worden verleend.
Er geldt een fiscale vrijstelling specifiek voor de horecasector met betrekking tot 300 overuren voor de werknemers tewerkgesteld bij werkgevers die geen gebruik maken van het geregistreerd kassasysteem, en tot 360 overuren voor de werknemers tewerkgesteld bij werkgevers die in elke plaats van uitbating wel gebruik maken van een dergelijk kassasysteem.
Voorbeeld: Een belastingplichtige presteert in april 2026 40 vrijwillige overuren bij zijn werkgever A (bezoldiging: 600 euro, betaald in 2026). Bij zijn nieuwe werkgever B, die actief is in de horeca en gebruik maakt van een geregistreerd kassasysteem (360 vrijstelbare uren) presteert hij vanaf mei t.e.m. december 2026 325 overuren (bezoldiging: 4.875 euro, betaald in 2026). De betaalde bezoldigingen bedragen niet meer dan de bezoldigingen die voor deze uren zou verschuldigd zijn wanneer zij niet als overuur zouden kwalificeren.
Vrijstelling voor inkomstenjaar 2026:
- voor 40 vrijwillige overuren: 600 eur
- voor overuren in de horeca: 4.875 euro x (360 – 40) / 325 = 4.800 euro.
Bron: Circulaire 2026/C/88 over de fiscale vrijstelling van vrijwillige overuren en overuren in de horecasector.