Vorig jaar hebben we u reeds geïnformeerd over de AI act en welke gevolgen/verplichtingen dat eventueel teweegbrengt voor aanbieders, distributeurs, importeurs en gebruiksverantwoordelijken (gebruikers) van AI-modellen en -systemen.
De eerste fase van de AI act is reeds in werking getreden. Sinds februari 2025 moeten bedrijven AI-systemen met een onaanvaardbaar risico verbieden en moeten ze maatregelen nemen om intern een adequaat niveau van AI-geletterdheid te behalen.
Vanaf augustus 2025 treedt een tweede fase in werking waarvan de sancties bij inbreuken op voormelde maatregelen het belangrijkste zijn voor een werkgever.
Voor de niet-naleving van het verbod op AI-systemen met een onaanvaardbaar risico wordt voorzien in administratieve geldboeten tot 35.000.000,00 euro of, als de overtreder een onderneming is, tot 7% van de totale wereldwijde jaaromzet van die onderneming in het voorgaande boekjaar, als dat bedrag hoger is.
Op het zorgen van een adequaat niveau van AI-geletterdheid onder het personeel is momenteel geen specifieke sanctie voorzien.
Het is echter aan de lidstaten om de regels inzake sancties en andere handhavingsmaatregelen van de AI-verordening, die ook waarschuwingen en niet-monetaire maatregelen kunnen omvatten, aan te vullen.
De lidstaten moeten de Commissie in kennis stellen van de sancties en andere handhavingsmaatregelen alsook latere wijzigingen.
België heeft in principe tot 2 augustus 2025 de tijd om het handhavingsbeleid uit te werken.
De Belgische wetgever zal hierbij rekening moeten houden met de situatie van KMO’s (kleine en middelgrote ondernemingen), inclusief start-ups, zodat de boetes hun economische levensvatbaarheid niet in het gedrang brengt.
Voorgaande neemt niet weg dat een werkgever de verplichtingen moet naleven en best al de nodige acties onderneemt.
Bron : Verordening(EU) 2024/1689 tot vaststelling van geharmoniseerde regels inzake artificiële intelligentie, Publicatieblad Europese Unie 12 juli 2024.