Skip to main content
Sociaal-Juridisch

BV-vrijstelling ploegen-en nachtarbeid: nieuwe regels i.v.m. de akkoordverklaring van de klant-gebruiker vanaf 2025

By 30 september 2024oktober 2nd, 2024No Comments

Er werd een KB gepubliceerd tot vastlegging van de wijze waarop de erkende uitzendkantoren het akkoord moeten aantonen voor de toepassing van de BV-vrijstellingen ploegen-en nachtarbeid.

In het kader van de minitaxshift moeten uitzendkantoren sinds 01/10/2022 uitdrukkelijk het voorafgaand akkoord van de klant hebben verkregen opdat de BV-vrijstellingen ploegen-en nachtarbeid toegepast kunnen worden en dat de klant dezelfde BV-vrijstelling zal toepassene en daartoe aan de voorwaarden voldoet. In de wet werd daarbij destijds niet voorzien in een typedocument, noch werd er bepaald welke minimale vermeldingen in dit document moeten staan.

Voormeld KB brengt daar verandering in. Er wordt bepaald dat het uitzendkantoor en de klant-gebruiker op schriftelijke wijze een overeenkomst moet sluiten of de bepalingen opnemen in de commerciële overeenkomst die beide partijen met elkaar sluiten, waarin het procedureel kader wordt vastgelegd dat voorziet op welke wijze de vrijstelling van doorstorting van bedrijfsvoorheffing wordt toegepast en op welke wijze het bewijs wordt geleverd dat aan alle toepassingsvoorwaarden van deze vrijstelling wordt voldaan.

Deze overeenkomst omvat ten minste de volgende bepalingen:

  • er wordt overeengekomen dat het erkende uitzendkantoor de vrijstelling van doorstorting van bedrijfsvoorheffing enkel kan toepassen voor zover het prestaties betreft waarvoor de klant-gebruiker die de uitzendkracht tewerkstelt, na de uitvoering van de prestatie, een verklaring heeft opgemaakt waaruit ondubbelzinnig de vaststelling van deze onderneming blijkt dat de uitzendkracht voor die prestaties daadwerkelijk respectievelijk werd tewerkgesteld in een systeem van ploegenarbeid, volcontinu ploegenarbeid, nachtarbeid of werd tewerkgesteld onder het regime van systeemvaart of in ploegverband werken in onroerende staat heeft verricht op locatie, en waarin wordt bevestigd dat de klant-gebruiker in de mogelijkheid is om het bewijs te leveren dat aan de toepassingsvoorwaarden daarvan is voldaan;
  • er wordt overeengekomen dat wanneer de uitzendkracht werd tewerkgesteld in een systeem van ploegenarbeid overeenkomstig de BIS-variant het erkende uitzendkantoor de vrijstelling van doorstorting van bedrijfsvoorheffing enkel kan toepassen voor zover in de verklaring ook het percentage is opgenomen van de afwijking op de omvang van het werk dat voor de onderneming die de uitzendkracht tewerkstelt van toepassing is voor de maand waarin de prestaties door de uitzendkracht werden geleverd;
  • de wijze wordt vastgelegd waarop het erkende uitzendkantoor schriftelijk en ondubbelzinnig aan de fiscale administratie het bestaan en het tijdstip kan aantonen van de hierboven vermelde verklaring;
  • er wordt overeengekomen dat de medewerking wordt gegarandeerd door de klant-gebruiker die de uitzendkracht tewerkstelt aan het erkend uitzendkantoor voor het leveren van het bewijs, in het bijzonder in het geval dat de fiscale administratie aan het erkend uitzendkantoor vraagt het bewijs te leveren dat de uitzendkracht daadwerkelijk werd tewerkgesteld zoals bedoeld in het eerste punt;
  • de aansprakelijkheid wordt vastgelegd van de klant-gebruiker die de uitzendkracht tewerkstelt ten aanzien van het erkend uitzendkantoor voor de schade die wordt geleden in het geval de klant-gebruiker heeft verklaard dat de uitzendkracht werd tewerkgesteld zoals bedoeld  in het eerste streepje, maar het bewijs ervan niet levert.

Opgelet: Indien de administratie vaststelt dat de bepalingen van het procedurele kader die in de overeenkomst zijn opgenomen, niet daadwerkelijk worden toegepast, wordt het akkoord geacht niet te zijn verkregen.

De datum van inwerkingtreding is 1 januari 2025.

 

Bron: Koninklijk besluit van 16/09/2024 tot vastlegging van de wijze waarop de ondernemingen die erkend zijn voor uitzendarbeid het akkoord moeten aantonen voor de toepassing van de in artikel 2755 van het Wetboek van de inkomstenbelastingen 1992 bedoelde vrijstelling van doorstorting van bedrijfsvoorheffing en tot correctie van artikel 952 van het KB/WIB 92, BS 23 september 2024. 

Deze website maakt gebruik van cookies om je gebruikservaring te optimaliseren. Door op “Accepteren” te klikken, ga je akkoord met het plaatsen van deze cookies.