Sociaal-Juridisch

Minitaxshift – wet gepubliceerd

By 31 maart 2022No Comments

Zoals reeds in ons eerder nieuwsartikeltje ‘Wat houdt de mini-taxshift in?‘ hebben we jullie geïnformeerd over de intentie van de regering om de bedrijfsvoorheffing te hervormen. Thans is de wet gepubliceerd.

Hieronder een overzicht van de hervormingen:

Vrijstelling ploegen- en nachtarbeid

Strikte scheiding van nachtarbeid en ploegenarbeid

Voor de toekenningsregels en de toepassing van de vrijstelling zullen vanaf de inwerkingtreding van de wet de ploegenarbeid en de nachtarbeid strikt van elkaar gescheiden worden. Nu worden beide samen bekeken voor bijvoorbeeld de berekening van de 1/3-norm. Dit zal dus niet meer mogelijk zijn. De uren van nachtarbeid en de uren van ploegenarbeid kunnen niet meer gecumuleerd worden. Er zal dus 1/3 van de arbeidstijd in nachtarbeid gepresteerd moeten worden om de vrijstelling nachtarbeid toe te passen, oftewel 1/3 van de arbeidstijd in ploegen om de vrijstelling ploegenarbeid te kunnen gebruiken.

Invoering minimumbedrag nacht- en of ploegenpremie

Momenteel mag de vrijstelling bedrijfsvoorheffing toegepast worden als de werkgever een nacht- of ploegenpremie toekent wanneer er in de nacht of in ploegen gewerkt wordt. Hier stond echter geen minimumbedrag tegenover.

Na de hervormingen wordt er minimumbedrag voorzien van:

  • Per gepresteerd uur in ploegenarbeid: 2 % van het loon
  • Per gepresteerd uur in nachtarbeid: 12 % van het loon

Bijkomend moet vanaf 1 april 2024 deze premie ook expliciet opgenomen zijn in de cao, het arbeidsreglement, of de individuele arbeidsovereenkomst tussen de werkgever en de werknemer. 

Overlapping mogelijk tot één vierde van dagtaak doch administratieve tolerantie is mogelijk

In het initiële voorstel werd voorzien dat de werknemers hun dagtaak maar 1/8 mocht overlappen om de eventuele vrijstelling te kunnen genieten. In de huidige wet is dit teruggebracht tot 1/4 van de dagtaak, zoals dit nu ook het geval is.

Voor de voorwaarde ‘ploegen die elkaar in de loop van de dag opvolgen zonder dat er een onderbreking is tussen de opeenvolgende ploegen‘, wordt een onderbreking van 15 minuten of minder bedraagt tussen twee ploegen niet in aanmerking genomen.

(Volcontinu: zonder dat de overlapping meer bedraagt dan een vierde van hun dagtaak en waarbij alle werknemers die ploegenarbeid verrichten in een volcontinu arbeidssysteem een ploegenpremie ontvangen)

Wel kan er bij sprake van uitzonderlijke omstandigheden een administratieve tolerantie toegepast worden.

Vrijstelling overuren

Voor de vrijstelling bedrijfsvoorheffing overwerk wordt in de wet toegevoegd dat enkel door de werknemer gepresteerd overwerk dat recht geeft op een wettelijke overwerktoeslag, in aanmerking kan komen voor de toepassing van de vrijstelling.

Op zich betreft dit louter een formule toevoeging aangezien dit in de circulaire en technische fiches van de fiscus al vereist was.

Vrijstelling doorstorting bedrijfsvoorheffing werken in onroerende staat: werfmelding

Aan de toepassing van de bv-vrijstelling onroerende staat wordt een bijkomende voorwaarde gekoppeld, m.n. de RSZ-werfmelding of aangifte van werken.

Werkgevers die werken in onroerende staat verrichten, behoudens bepaalde uitzonderingen moeten deze werken immers aangeven bij de RSZ. Meer informatie vindt u hier terug.

Op zich is dit reeds een voorwaarde die in de sociale wetgeving bestaat voor het uitvoeren van deze werken.

Aldus viseert het enkel die werkgevers die niet conform de wetgeving handelen.

Uurbasis wordt de norm

De fiscus heeft reeds in de circulaire van 16 november 2021 aangekondigd dat de berekening op uurbasis de norm is, en dat de telling op dagbasis niet meer mogelijk is.

Deze norm is nu wet geworden.

Meer info betreffende deze circulaire vind je hier terug.

Cumulverboden

De wetgever meldt ook dat het niet de bedoeling is om de vrijstelling van doorstorting van bedrijfsvoorheffing voor de systeemvaart of voor werken in onroerende staat te cumuleren met de gewone vrijstelling van doorstorting van bedrijfsvoorheffing voor ploegenarbeid of nachtarbeid.

Wel kan er toepassing gemaakt worden van het verhoogd vrijstellingspercentage wanneer voldaan is aan de voorwaarden van de volcontinue arbeid.

Beperking wettelijk minimum

In de nieuwe wet wordt voor sommige BV-vrijstellingen bepaald dat de korting beperkt is tot het wettelijk minimum van de ingehouden bedrijfsvoorheffing, hetgeen wilt zeggen dat er geen rekening gehouden mag worden met fiscaal voluntariaat. Voor de uitzendsector betekent dit dat er enkel rekening gehouden wordt met de 11,11 %.

Het betreft de volgende vrijstellingen:

  • onderzoek en ontwikkeling
  • sportbeoefenaars
  • steunzones
  • nieuwe onderneming

Voorgaande geldt dus niet voor:

  • overuren
  • ploegen- en nachtarbeid (incl. WOS en volcontinu)
  • sleepvaart
  • zeevisserij
  • IPA

Hervormingen en de uitzendsector

Verplichting tot uitdrukkelijk akkoord klant-gebruiker

Voor de bezoldigingen die deze uitzendkantoren betalen of toekennen vanaf 1 oktober 2022, moet uitdrukkelijk de toestemming van de klant-gebruiker gekregen worden.

De administratie financiën wenst immers dat de vrijstellingen rechtstreeks ten goede komen aan de klant-gebruiker.

Wanneer er geen goedkeuring voorhanden is, mag de vrijstelling niet toegepast worden.

De wet voorziet geen typedocument, noch wordt bepaald welke minimale vermeldingen in dit document moeten staan. Daarom zal de fiscale administratie samen met de werkgeversfederatie een typedocument opstellen dat vanaf oktober 2022 aan de klant-gebruiker voorgelegd kan worden.

Bewijs

Uitzendkantoren die de vrijstelling willen toepassen, moeten alle bewijzen leveren dat aan alle toepassingsvoorwaarden van deze maatregel is voldaan.

Overeenkomstig de memorie van toelichting heeft deze bepaling tot doel “de uitzendkantoren er toe aan te zetten om, vooraleer zij de toepassing vragen van deze vrijstelling, bindende afspraken te maken met hun klanten, zodat kan worden gewaarborgd dat zij in geval van controle het bewijs kunnen leveren dat aan alle toepassingsvoorwaarden van deze maatregel wordt voldaan.”

Inwerkingtreding

De wet treedt in werking op 1 april 2022, behoudens specifieke uitzonderingen die in de wet voorzien zijn.

 

Bron: Wet van 25 februari 2022 houdende verlaging van lasten op arbeid, BS 31 maart 2022.

Deze website maakt gebruik van cookies om je gebruikservaring te optimaliseren. Door op “Accepteren” te klikken, ga je akkoord met het plaatsen van deze cookies.