Skip to main content
Sociaal-Juridisch

Mobiliteitsbudget : bedragen 2025

By 24 december 2024No Comments

Het mobiliteitsbudget is een budget op jaarbasis dat aan de werknemer toegekend kan worden in ruil voor de bedrijfswagen met privégebruik en besteed kan worden in 3 pijlers:

  • Pijler 1: een milieuvriendelijkere bedrijfswagen kiezen
  • Pijler 2: kiezen voor duurzame vervoermiddelen en -diensten (fietsen, openbaar vervoer, deelsystemen, carpooling, hypothecaire lening,….) en dit voor aankoop, gebruik en onderhoud.
  • Pijler 3: het eventuele restsaldo zal in loon worden uitbetaald

Er wordt hiervoor een mobiliteitsrekening gecreëerd op naam van de werknemer.

Het budget wordt berekend in principe aan de hand van:

  • De jaarlijkse bruto kostprijs voor de werkgever van de ingeleverde bedrijfswagen of de bedrijfswagen waarvoor de werknemer in aanmerking komt;
  • de fiscale en parafiscale lasten; en
  • de met de wagen gerelateerde kosten in het kader van het bedrijfswagenbeleid, zoals de financieringskosten, de brandstofkosten, de verschuldigde solidariteitsbijdrage.

Het uitgangspunt is dus de totale jaarlijkse bruto kostprijs voor de werkgever van de financiering en het gebruik van een bedrijfswagen: de total cost of ownership (TCO).

In deze TCO zit de maandelijkse leaseprijs of huurprijs van de wagen, maar ook alle kosten voor brandstof, verzekeringen, de CO2-solidariteitsbijdrage, niet-aftrekbare btw, vennootschapsbelasting op niet-aftrekbare autokosten, enz.

De fiscus heeft over deze rekeningregels een circulaire gepubliceerd. Meer info vind je hier terug.

Indexering drempels

Vanaf 1 januari 2022 is er een minimum en maximum van toepassing wat de omvang van het mobiliteitsbudget betreft. Deze bedragen worden jaarlijks geïndexeerd op 1 januari.

De bedragen van toepassing vanaf 1/1/2025 zijn de volgende (onder voorbehoud van publicatie):

  • Minimum op jaarbasis: 3.164 €
  • Maximaal één vijfde van het totale bruto jaarloon van de betrokken werknemer met een absoluut maximum van 16.875 €.

Praktisch

Met voormelde minimum- en maximumgrenzen moeten worden rekening gehouden:

  • op het moment dat het bedrag van het mobiliteitsbudget vastgelegd, of m.a.w. op het moment van de toekenning ervan;
  • op het moment van functieverandering of bevordering ((waarbij het mobiliteitsbudget kan worden verhoogd of verlaagd wanneer de werknemer door de verandering van functie of promotie tot een functiecategorie behoort waarvoor het loonsysteem van de werkgever respectievelijk in een hoger of lager budget voorziet);
  • jaarlijks op 1 januari van ieder jaar, waarbij in voorkomend geval rekening wordt gehouden met het geïndexeerde bedrag.

 

Deze website maakt gebruik van cookies om je gebruikservaring te optimaliseren. Door op “Accepteren” te klikken, ga je akkoord met het plaatsen van deze cookies.