Skip to main content
Sociaal-Juridisch

Wijziging groottecriteria voor boekjaren met aanvang na 31/12/2023

By 13 december 2024december 16th, 2024No Comments

Met een wet van 27 maart 2024 houdende bepalingen inzake digitalisering van justitie en diverse bepalingen ibis (gepubliceerd in het Belgisch Staatsblad op 29 maart 2024), heeft de wetgever de groottecriteria voor micro-ondernemingen, kleine, middelgrote en grote ondernemingen in het Wetboek Vennootschappen en Verenigingen (WVV) aangepast.

Voor de toepassing van bepaalde vrijstellingen van bedrijfsvoorheffingen worden deze criteria in aanmerking genomen zoals o.a. de vrijstelling van bedrijfsvoorheffing startende ondernemingen en/of de IPA-korting.

Nieuwe criteria

De groottecriteria van toepassing voor boekjaren met aanvang na 31/12/2023 zijn de volgende : 

Een kleine vennootschap (KMO) is een vennootschap met rechtspersoonlijkheid die op balansdatum van het laatst afgesloten boekjaar niet meer dan één van de volgende criteria overschrijdt:

  • jaargemiddelde van het personeelsbestand : max. 50
  • jaaromzet (exclusief BTW) : max. 11.250.000 euro (i.p.v. 90.000)
  • balanstotaal : max. 6.000.000 euro (i.p.v. 4.000.000)

Een micro-vennootschap is een kleine vennootschap met rechtspersoonlijkheid die geen dochtervennootschap of moedervennootschap is en die op balansdatum van het laatst afgesloten boekjaar niet meer dan één van de volgende criteria overschrijdt:

  • jaargemiddelde van het personeelsbestand : max. 10
  • jaaromzet (exclusief BTW): max. 900.000 euro (i.p.v. 700.000)
  • balanstotaal : max. 450.000 euro (i.p.v. 350.000)

Voor verbonden ondernemingen moeten de criteria inzake omzet en balanstotaal steeds op geconsolideerde (gegroepeerde) basis worden berekend. Wat het criterium personeelsbestand betreft, wordt het aantal werknemers opgeteld dat door elk van de betrokken verbonden vennootschappen jaarlijks gemiddeld wordt tewerkgesteld.

Als verbonden vennootschappen worden beschouwd:

  1. ° “met een vennootschap verbonden vennootschappen”:
    a) de vennootschappen waarover zij een controlebevoegdheid uitoefent;
    b) de vennootschappen die een controlebevoegdheid over haar uitoefenen;
    c) de vennootschappen waarmee zij een consortium vormt;
    d) de andere vennootschappen die, bij weten van haar bestuursorgaan, onder de controle staan van de vennootschappen bedoeld in a), b) en c);
  2. ° “personen verbonden met een persoon”, de natuurlijke en rechtspersonen die zijn verbonden met een persoon in de betekenis van het 1°.

Verschillende definities

Er worden verschillende definities gehanteerd om een kleine middelgrote onderneming (KMO) aan te duiden. Voor elke toepassing zal onderzocht moeten worden naar welke specifieke regeling en bijhorende criteria er verwezen wordt.

Consistentiebeginsel – eenmalige opschorting

Het overschrijden of niet meer overschrijden van meer dan 1 van voormelde criteria heeft pas gevolgen wanneer dit zich gedurende twee achtereenvolgende boekjaren voordoet. De gevolgen gaan dan in vanaf het boekjaar dat volgt op het boekjaar waarin meer dan 1 van deze criteria voor de tweede keer (niet) werden overschreden. Voor een éénmalige overschrijding zal een vennootschap haar statuut van kleine vennootschap met andere woorden niet verliezen, zoals een vennootschap door het éénmalig niet overschrijden van meer dan één criterium evenmin een kleine vennootschap zal worden.

De overheid heeft echter beslist om het consistentiebeginsel éénmalig op te schorten en dit voor boekjaar 2024. Aldus zal bij een éénmalige overschrijding in boekjaar 2024 een vennootschap haar statuut van kleine vennootschap met andere woorden kunnen verliezen of door het éénmalig niet overschrijden van meer dan één criterium in datzelfde boekjaar een kleine vennootschap worden. Vanaf boekjaar 2025 moeten weer de ‘oude’ regels terug nageleefd worden. 

De beoordeling van de criteria en dus de toepassing van de vrijstelling doorstorting bedrijfsvoorheffing wordt voor jaar 2024 eenmalig en uitzonderlijk enkel gebaseerd op de cijfers op datum van 31 december 2024 voor de ondernemingen met een boekjaar gelijk aan een kalenderjaar. Dus pas op het einde van het boekjaar en eventueel na consolidatie krijgt men zekerheid over de al dan niet toepassing van de vrijstelling doorstorting die gekoppeld zijn aan de voorwaarde kleine of microvennootschap.

Voor ondernemingen met een gebroken boekjaar dat loopt van 1 april 2024 tot 31 maart 2025 – in dit geval het eerste boekjaar dat aanvangt na 31 december 2023 – moet worden nagegaan of de onderneming op 31 maart 2024, zijnde de balansdatum van het boekjaar met betrekking tot de eerste op te stellen jaarrekening na 31 december 2023, meer dan een van de verhoogde groottecriteria overschrijdt.

De commissie voor boekhoudkundige normen heeft een aantal voorbeelden uitgewerkt naargelang er sprake is van een boekjaar dat gelijkloopt met een kalenderjaar of een gebroken boekjaar.

Voorbeelden

  • Voorbeeld 1: boekjaar loopt gelijk met kalenderjaar

Een vennootschap voert een boekhouding per kalenderjaar. Voor de boekjaren 2021, 2022 en 2023 werd de vennootschap aangemerkt als een “grote” vennootschap. De vennootschap heeft de volgende kencijfers:

 

31/12/2023

31/12/2024

31/12/2025

Jaargemiddelde personeelsbestand

60

60

60

Omzet

10.000.00011.000.000

12.000.000

Balanstotaal

4.800.000

5.000.000

5.200.000

Voor de beoordeling of de vennootschap voor het boekjaar 2024, dit is het eerste boekjaar dat aanvangt na 31 december 2023, wordt aangemerkt als een kleine of een “grote” vennootschap, moet uitsluitend worden nagegaan of zij op 31 december 2024, zijnde de balansdatum van het boekjaar met betrekking tot de eerste op te stellen jaarrekening na 31 december 2023, meer dan één van de verhoogde criteria van het aangepaste artikel 1:24 WVV overschrijdt.

Op balansdatum 31 december 2024 overschreed de vennootschap slechts één van de criteria vermeld in artikel 1:24 WVV:

  • jaargemiddelde van het personeelsbestand: 60 > 50;
  • omzet: 11.000.000 < 11.250.000;
  • balanstotaal: 5.000.000 < 6.000.000.

Bijgevolg wordt de vennootschap voor het boekjaar 2024 meteen aangemerkt als een kleine vennootschap.

Vanaf het daaropvolgende boekjaar, met name het boekjaar dat aanvangt op 1 januari 2025, geldt opnieuw de gewone regeling, met name dat wanneer meer dan één van de criteria vermeld in artikel 1:24 WVV worden overschreden of niet meer worden overschreden, dit slechts gevolgen heeft wanneer dit zich gedurende twee opeenvolgende boekjaren voordoet. De gevolgen hiervan gaan in dat geval in vanaf het boekjaar dat volgt op het boekjaar gedurende hetwelk, op balansdatum, meer dan één van de criteria voor de tweede keer werden overschreden of niet meer werden overschreden.

Op balansdatum 31 december 2024 heeft de vennootschap maar één van de criteria overschreden. Ook op balansdatum 31 december 2023 werd er maar één van de (verhoogde) drempelwaarden overschreden.22 De vennootschap blijft klein in boekjaar 2025.

Op balansdatum 31 december 2025 heeft de vennootschap meer dan één van de criteria overschreden:

  • jaargemiddelde van het personeelsbestand: 60 > 50;
  • omzet: 12.000.000 > 11.250.000;
  • balanstotaal: 5.200.000 < 6.000.000.

Door de uitgestelde werking blijft de vennootschap ook in boekjaar 2026 klein, aangezien de overschrijding van meer dan één van de criteria van artikel 1:24, § 2 WVV zich nog niet gedurende twee achtereenvolgende boekjaren heeft voorgedaan.

  • Voorbeeld 2: gebroken boekjaar

Een vennootschap hanteert gebroken boekjaren waarbij het boekjaar eindigt op 31 maart. Voor de boekjaren die werden aangevat op 1 april 2022 en 1 april 2023 werd de vennootschap aangemerkt als een kleine vennootschap. De vennootschap heeft de volgende kencijfers :

 

31/03/2024

31/03/2025

31/03/2026

Jaargemiddelde personeelsbestand

60

60

60

Omzet

11.350.000

11.000.000

11.450.000

Balanstotaal

5.500.000

5.650.000

5.800.000

Voor de beoordeling of de vennootschap voor het boekjaar dat loopt van 1 april 2024 tot 31 maart 2025 – dit is het eerste boekjaar dat aanvangt na 31 december 2023 – wordt aangemerkt als een kleine of een “grote” vennootschap, moet uitsluitend worden nagegaan of zij op 31 maart 2024, zijnde de balansdatum van het boekjaar met betrekking tot de eerste op te stellen jaarrekening na 31 december 2023, meer dan één van de verhoogde criteria van het aangepaste artikel 1:24 WVV overschrijdt.

Op balansdatum 31 maart 2024 overschreed de vennootschap meer dan één van de criteria vermeld in artikel 1:24 WVV:

  • jaargemiddelde van het personeelsbestand: 60 > 50;
  • omzet: 11.350.000 > 11.250.000;
  • balanstotaal: 5.500.000 < 6.000.000.

Bijgevolg wordt de vennootschap voor het boekjaar dat aanvangt op 1 april 2024 aangemerkt als een “grote” vennootschap.

Vanaf het daaropvolgende boekjaar, met name het boekjaar dat aanvangt op 1 april 2025, geldt opnieuw de gewone regeling. Dit wil zeggen dat wanneer meer dan één van de criteria vermeld in 1:24 WVV worden overschreden of niet meer worden overschreden, dit slechts gevolgen heeft wanneer dit zich gedurende twee opeenvolgende boekjaren voordoet. De gevolgen hiervan gaan in dat geval in vanaf het boekjaar dat volgt op het boekjaar gedurende hetwelk, op balansdatum, meer dan één van de criteria voor de tweede keer werden overschreden of niet meer werden overschreden.

Op balansdatum 31 maart 2025 heeft de vennootschap niet meer dan één van de criteria overschreden:

  • jaargemiddelde van het personeelsbestand: 60 > 50;
  • omzet: 11.000.000 < 11.250.000;
  • balanstotaal: 5.650.000 < 6.000.000.

Op balansdatum 31 maart 2025 wordt dus voor het eerst niet meer dan één van de criteria overschreden. Er is slechts sprake van een wijziging van categorie wanneer tijdens twee opeenvolgende boekjaren de criteria worden overschreden (of niet langer worden overschreden). De vennootschap wordt bijgevolg voor het boekjaar dat aanvangt op 1 april 2025 nog steeds aangemerkt als een “grote” vennootschap.24

Op balansdatum 31 maart 2026 heeft de vennootschap meer dan één van de criteria overschreden:

  • jaargemiddelde van het personeelsbestand: 60 > 50;
  • omzet: 11.450.000 > 11.250.000;
  • balanstotaal: 5.800.000 < 6.000.000.

Op balansdatum 31 maart 2026 werd opnieuw meer dan één van de criteria overschreden. Bijgevolg wordt de vennootschap nog steeds als een “grote” vennootschap aangemerkt voor het boekjaar dat aanvangt op 1 april 2026.

Inwerkingtreding

De wijziging is van toepassing op de boekjaren die een aanvang nemen na 31 december 2023.

Bron: Wet van 28 maart 2024 houdende bepalingen inzake digitalisering van justitie en diverse bepalingen Ibis, BS 29 maart 2024; CBN-advies 2024/07 – Gevolgen verhoging groottecriteria voor vennootschappen, 11 september 2024, www.cbn-cnc.be/nl/adviezen/gevolgen-verhoging-groottecriteria-voor-vennootschappen.

Deze website maakt gebruik van cookies om je gebruikservaring te optimaliseren. Door op “Accepteren” te klikken, ga je akkoord met het plaatsen van deze cookies.