Skip to main content
Sociaal-Juridisch

Auteursrechten – nieuwe grensbedragen voor 2026 – update

By 1 juni 2026No Comments

Ter herinnering

In België geldt er een fiscaal gunstige regeling bij de vergoeding voor de overdracht of licentieverlening van auteursrechten. Hiervoor moeten er wel aan een aantal voorwaarden voldaan zijn.

Met ingang vanaf 01/01/2023 werd deze fiscale regeling voor de auteursrechten aangepast.

Het toepassingsgebied van deze regeling werd ingeperkt door de toevoeging van een specifieke definitie van “auteursrechten”. 

‘Auteursrechten’ zijn inkomsten:

  • verkregen uit de overdracht of de verlenging van een licentie door de oorspronkelijke rechthebbende, zijn erfgenamen of legatarissen, van auteursrechten en naburige rechten, alsook van de wettelijke en verplichte licenties die bij wet zijn geregeld;
  • die betrekking hebben op originele werken van letterkunde of kunst of op prestaties van uitvoerende kunstenaars;
  • met het oog op de exploitatie of het daadwerkelijk gebruik van deze rechten door de verkrijger, de licentiehouder of een derde, behalve in geval van een gebeurtenis veroorzaakt buiten de wil van de overeenkomst sluitende partijen, overeenkomstig de eerlijke beroepsgebruiken.

Daarboven moet degene die eigenaar is van het auteursrechtelijk werk een kunstenaar zijn en beschikken over een kunstwerkattest.

Een niet-kunstenaar kan enkel in aanmerking komen voor het gunstig statuut indien het auteursrechtelijk werk dat hij gecreëerd heeft, bedoeld is om met een publiek te delen of voor een openbare uitvoering, opvoering of reproductie bestemd is.

Jaarplafond 2026

De inkomsten uit de vergoeding voor de overdracht of licentieverlening van auteursrechten verkregen in het kader van de beroepsactiviteit worden tot een maximaal bedrag van 77.220 euro (2025: 75.360 euro) onweerlegbaar geacht roerende inkomsten te zijn. De inkomsten boven dit plafond worden beschouwd als beroepsinkomsten.

Naast het absolute grensbedrag gelden er nog andere, cumulatieve grenzen en beperkingen.

Indien de overdracht of licentie gepaard gaat met een prestatie legt de wet een verhouding op tussen de inkomsten uit auteursrechten en de totale bezoldiging, met name de 30/70-grens (max. 30% auteursrechten / 70 vergoeding voor prestaties). Er geldt in dit kader geen overgangsregeling meer.

De vergoeding voor de prestaties moet marktconform zijn

Er wordt daarbij ook rekening gehouden met de gemiddelde inkomsten uit auteursrechten die in de 4 voorafgaande belastbare tijdperken genoten werd.

Kostenforfaits 2026 – beperkt toepassingsgebied 

Inkomsten% kostenforfait
tot 20.590 EUR50%
van 20.590 tot 41.180 EUR25%
boven 41.180 EURgeen

In het kader van het begrotingsakkoord werd aangekondigd dat de forfaitaire kostenaftrek afgeschaft zou worden indien men niet beschikt over een kunstwerkattest. Er zou daarbij bovendien een onderscheid gemaakt worden tussen diegenen met een kunstwerkattest gewoon of plus en diegenen met een kunstwerkattest starter.  De verdere details zijn ondertussen uitgewerkt in het ontwerp van programmawet. 

In het ontwerp van programmawet wordt voorzien in een beperking van de forfaitaire raming van de kosten die aftrekbaar zijn van het bruto-inkomen uit auteursrechten. Voortaan zullen zowel de degressieve forfaitaire kostenaftrek volgens twee inkomensschijven evenals de forfaitaire kostenaftrek van 15 pct. enkel nog van toepassing zijn op inkomsten uit auteursrechten met betrekking tot activiteiten waarvoor de belastingplichtige over een
kunstwerkattest beschikt, niet zijnde een startersattest. 

Met andere woorden wordt de toepassing van de forfaitaire kostenaftrek beperkt tot kunstenaars met een kunstwerkattest “gewoon” of “plus” en geldt dit niet voor houders van een kunstwerkattest “starter. 

Er wordt daarbij voorzien in een retroactieve inwerkingtreding, met name voor inkomsten betaald of toegekend vanaf 1 januari 2026.

Er zijn in dat kader wel praktische modaliteiten voorzien voor de roerende voorheffing, met name dat er bij de inhouding van de roerende voorheffing op inkomsten uit auteursrechten pas rekening gehouden zal worden met deze nieuwe bepalingen vanaf de tiende dag na de bekendmaking van deze wet in het Belgisch Staatsblad.

 

De programmawet werd op 1 juni 2026 in het Belgisch Staatsblad gepubliceerd. 

 

Bron: Ontwerp van programmawet, Parl. St Kamer 2025 – 2026, 1378/001; Programmawet van 30 mei 2026, BS 1 juni 2026. 

Deze website maakt gebruik van cookies om je gebruikservaring te optimaliseren. Door op “Accepteren” te klikken, ga je akkoord met het plaatsen van deze cookies.