In de maand december wordt er een afrekening van het vakantiegeld gedaan voor bedienden die in de loop van het jaar hun arbeidsduur hebben verminderd of wanneer de bediende in de onmogelijkheid is om al zijn wettelijke vakantiedagen op te nemen vóór het einde van het jaar. Dit is de zogenaamde decemberafrekening.
Het doel van de decemberafrekening is om de opgebouwde vakantierechten te waarborgen.
Vermindering arbeidsprestaties
De werkgever moet in december regularisatievakantiegeld betalen aan de bedienden die in de loop van het jaar hun gemiddelde wekelijkse arbeidsduur hebben verminderd en dit overeenkomstig de vakantierechten die de werknemer niet heeft kunnen nemen omwille van de vermindering van prestaties.
De vermindering van de arbeidsduur kan betrekking hebben op:
- vrijwillige deeltijdse tewerkstelling in overleg tussen werknemer en werkgever;
- deeltijds tijdskrediet;
- deeltijds thematisch verlof (ouderschapsverlof, medische bijstand, palliatief verlof)
- deeltijdse werkhervatting na volledige arbeidsongeschiktheid
- …
Hiervoor moet een afrekening gemaakt worden van het enkel vakantiegeld en het dubbel vakantiegeld.
- enkel vakantiegeld: 7,67% van de werkelijke en fictieve brutolonen van het vakantiedienstjaar (m.u.z. eindejaarspremies die een vast karakter hebben), verminderd met het enkel vakantiegeld dat de bediende in de loop van het vakantiejaar heeft ontvangen en dat werd berekend op het arbeidsregime waarin de bediende was tewerkgesteld op het moment van opname van de vakantie.
- dubbel vakantiegeld: 7,67% van de werkelijke en fictieve brutolonen van het vakantiedienstjaar (m.u.z. eindejaarspremies die een vast karakter hebben), verminderd met het dubbel vakantiegeld dat de bediende in de loop van het vakantiejaar heeft ontvangen en dat werd berekend op het arbeidsregime waarin de bediende was tewerkgesteld op het moment van opname van de (hoofdzakelijke) vakantie.
Het saldo van deze twee berekeningen vormt het regularisatievakantiegeld dat het verlies aan vakantie voor het lopende jaar compenseert.
Opgelet: de afrekening moet niet gebeuren wanneer het vakantiegeld werd betaald en de volledige vakantie werd genomen voor de vermindering van de arbeidsduur.
Opgelet: indien de hoofdvakantie werd genomen en het dubbel vakantiegeld werd betaald voor de vermindering van de arbeidsduur, dan zal de afrekening enkel voor het enkel vakantiegeld worden verricht.
Onmogelijkheid opname vakantiedagen: overdracht
In principe moeten de “wettelijke” vakantiedagen door de werknemers opgenomen worden voor 31 december van het vakantiejaar.
Werknemers die hun vakantiedagen niet volledig hebben kunnen opnemen omwille van de hierna vermelde schorsingsgronden (limitatieve opsomming) kunnen deze vakantiedagen overgedragen naar de volgende 2 kalenderjaren (24 maanden) die volgen op het oorspronkelijke vakantiejaar. Dit geldt enkel voor de werknemers die in de onmogelijkheid verkeren om de vakantiedagen nog op te nemen uiterlijk voor 31 december van het vakantiejaar omwille van onderstaande schorsingsgronden.
- arbeidsongeval en beroepsziekte;
- gewone ziekte of ongeval;
- moederschapsrust of vaderschapsverlof (artikel 39 van de arbeidswet);
- geboorteverlof (wet op de arbeidsovereenkomsten);
- adoptieverlof;
- profylactisch verlof;
- pleegzorgverlof (artikel 30quater van de wet op de arbeidsovereenkomsten);
- pleegouderverlof (artikel 30sexies van de wet op de arbeidsovereenkomsten);
- de deelneming aan cursussen of studiedagen gewijd aan sociale promotie.
Het gaat enkel over de vakantiedagen die een werknemer niet meer heeft kunnen opnemen omdat er op het einde van het vakantiejaar geen werkbare dagen meer waren waarop vakantie kon worden genomen, bijvoorbeeld wegens een langdurige arbeidsongeschiktheid. Het gaat dus niet om vakantiedagen die niet opgenomen werden, terwijl de werknemer (opnieuw) aan het werk was.
Vb. De werknemer is ziek van 1 januari t.e.m. 31 oktober. De werknemer is niet in de “onmogelijkheid” om 4 weken vakantie op te nemen. Er is geen overdracht van vakantiedagen mogelijk
Vb. De werknemer is ziek van 1 januari t.e.m. 15 december. De werknemer is in de “onmogelijkheid” om 2 weken vakantie op te nemen.
Opmerking: Deze regeling is van toepassing op de wettelijke vakantiedagen. Voor de toekenning van extralegale vakantiedagen gelden de regels zoals opgenomen in de sectorale cao, ondernemingscao, het arbeidsreglement en de policy op ondernemingsniveau.
De dagen die overeenkomstig voorgaande overgedragen mogen worden naar de volgende 2 kalenderjaren, moeten in december van het betreffende vakantiejaar uitbetaald worden door de werkgever (bij bedienden). Arbeiders hebben het vakantiegeld voor de overgedragen vakantiedagen reeds ontvangen van de vakantiekas.
Op het moment van opname van de overgedragen vakantiedagen zal de werknemer geen loon meer ontvangen voor deze dagen.