Sociaal-Juridisch

Risicoanalyse CO2 en luchtkwaliteit vanaf 2020

By 27 december 2019 No Comments

Een KB van 2 mei 2019 voorziet enkele wijzigingen aan de codex welzijn op het werk met betrekking tot de binnenluchtkwaliteit. Voortaan moeten werkgevers een risicoanalyse van de binnenluchtkwaliteit van werklokalen uitvoeren.

De doelstelling is dat werknemers over een ‘goede binnenluchtkwaliteit’ moeten beschikken. Dit is ruimer dan vroeger aangezien toen het beschikken over ‘voldoende verse lucht’ werd vooropgesteld. Het doel hierbij is de aanpak aan de bron door mogelijke verontreinigingsbronnen op te sporen en aan te pakken.

De kwaliteit van de lucht waarin de werknemers vertoeven kan immers van die aard zijn dat ze er hinder van ondervinden en klachten zullen uiten (vb. irritatie van ogen, neus en luchtwegen, hoofdpijn, vermoeidheid, daling van de aandacht, de concentratie, de snelheid van werken).

Werklokaal en werkpost

In de codex welzijn op het werk wordt volgende definitie van werklokaal toegevoegd: ‘een lokaal waarin zich een werkpost bevindt’.

Een werkpost is een plek waar men werkt, het toestel of het geheel van uitrustingen waarmee men werkt, evenals de onmiddellijke werkomgeving.

Risicoanalyse

Er zijn verschillende verontreinigingsbronnen waarmee de werkgever rekening moet houden bij de risicoanalyse:

  • Aanwezigheid en fysieke activiteit van personen;
  • De in de werklokalen aanwezige producten en materialen (vb. vloerbekleding, printers, gereedschap, machines, planten, …);
  • Het onderhoud, het herstel en de reiniging van de arbeidsplaatsen;
  • De kwaliteit van de aangevoerde lucht als gevolg van infiltratie en ventilatie, verontreiniging en werking van het ventilatie-en luchtbehandelings- en verwarmingssysteem.

Voor de risicoanalyse kan men visuele inspecties uitvoeren, controles van installaties en documenten uitvoeren, de werknemers bevragen en desgevallend metingen uitvoeren.

CO2- concentratie

De werkgever moet de nodige technische en/of organisatorische maatregelen nemen opdat de CO2-concentratie in de werklokalen gewoonlijk lager is dan 900 ppm. Dit komt overeen met een minimum ventilatiedebiet van 40 m3 per uur per aanwezige persoon.

Indien de werkgever kan aantonen dat de werknemers een gelijkwaardige of beter bescherming genieten door het uitschakelen of verminderen van zoveel mogelijk verontreinigingsbronnen dan is het voldoende dat de CO2-concentratie gewoonlijk lager is dan 1200 ppm of dat er een minimum ventilatiedebiet is van 25 m3 per uur per aanwezige persoon en op voorwaarde dat hiervoor voorafgaand advies werd gevraagd aan de bevoegde preventieadviseur en het comité.

Bestaande en nieuwe gebouwen 

De nieuwe normen m.b.t. de binnenluchtkwaliteit zijn van toepassing op werklokalen in (gedeelten van) gebouwen die worden gebouwd, verbouwd of gerenoveerd met een bouwaanvraag na 01/01/2020.

Voor bestaande gebouwen die nog niet aan deze normen kunnen voldoen, moet de werkgever een actieplan uitwerken om ervoor te zorgen dat op termijn deze normen wel gerespecteerd worden. Er moet hiervoor een stapsgewijze planning worden opgemaakt om de situatie geleidelijk aan te verbeteren met maatregelen op korte, middellange en lange termijn.

Praktijkrichtlijn

Om werkgevers bij te staan bij het toepassen van deze nieuwe regels heeft de FOD WASO een prakrijkrichtlijn uitgewerkt.

 

Bron: KB van 2 mei 2019 tot wijziging van de codex over het welzijn op het werk inzake de binnenluchtkwaliteit in werklokalen, BS 21 mei 2019; FOD WASO, Praktijkrichtlijn “Binnenluchtkwaliteit in werklokalen”, versie 2-5-2019.

Deze website maakt gebruik van cookies om je gebruikservaring te optimaliseren. Door op “Accepteren” te klikken, ga je akkoord met het plaatsen van deze cookies.