Indien de preventieadviseur-arbeidsarts in het kader van de bijzondere procedure medische overmacht (art. 34 arbeidsovereenkomstenwet) van oordeel is dat er sprake is van definitieve ongeschiktheid voor het overeengekomen werk moet hij deze beslissing aangetekend bezorgen aan de werknemer en de werkgever.
Als de werknemer niet akkoord gaat met de beslissing van de preventieadviseur-arbeidsarts om hem definitief ongeschikt te verklaren voor het overeengekomen werk, kan hij tegen deze beslissing een beroep instellen bij de regionale directie Toezicht op het Welzijn op het Werk of TWW (art. I.4-80 van de codex). De werknemer moet het beroep instellen binnen de 21 kalenderdagen na ontvangst van de aangetekende zending met de beslissing van de preventieadviseur-arbeidsarts.
In de Codex Welzijn is recent voorzien dat een aangetekende zending geacht wordt ontvangen te zijn op de 3e werkdag na de verzending, tenzij de ontvanger (=werknemer) het tegendeel bewijst. In dit kader is het tijdstop waarop de brief op de woonplaats van de ontvanger (al dan niet vruchteloos) werd aangeboden van belang. Het feit dat de werknemer de brief pas effectief op een later tijdstip ophaalt in het postkantoor of het postpunt is in dit kader niet van belang, behoudens in geval van overmacht.
De start en het einde van de beroepstermijn is van belang aangezien art. 34 arbeidsovereenkomstenwet voorziet dat de arbeidsovereenkomst enkel beëindigd kan worden wegens medische overmacht indien er sprake is van een definitieve beslissing van de preventieadviseur-arbeidsarts.
De arbeidsovereenkomst zal slechts beëindigd kunnen worden wegens medische overmacht, na afloop van de beroepstermijn of de beroepsprocedure, indien uit de vaststelling van de preventieadviseur-arbeidsarts blijkt dat het voor de werknemer definitief onmogelijk is om het overeengekomen werk te verrichten, én:
- de werknemer niet gevraagd heeft de mogelijk heden voor aangepast of ander werk te onderzoeken;
- de werknemer wel gevraagd heeft de mogelijkheden voor aangepast of ander werk te onderzoeken en de werkgever het gemotiveerd verslag (waaruit blijkt dat aangepast of ander werk technisch of objectief onmogelijk isof om gegronde redenen redelijkerwijze niet kan worden geëist) heeft bezorgd aan de werknemer en aan de preventieadviseur-arbeidsarts;
- de werknemer wel gevraagd heeft de mogelijkheden voor aangepast of ander werk te onderzoeken en de werkgever het plan voor aangepast of ander werk dat door de werknemer geweigerd is, heeft bezorgd aan de werknemer en aan preventieadviseur-arbeidsarts.
Het vaststellen van het einde van de arbeidsovereenkomst wegens medische overmacht kan door beide partijen gezamenlijk gebeuren of eenzijdig door een van de partijen. Bij een eenzijdige vaststelling door de werkgever moet er rekening gehouden worden met de notificatie en bijdrage aan het Terug-Naar-Werk Fonds.
Bron: Codex Welzijn; KB van 12 mei 2024 tot administratieve vereenvoudiging en actualisering van diverse bepalingen van de codex over het welzijn op het werk, BS 10 juni 2024.